De ultieme Vietnam reisroute: hoogtepunten, tips en mooiste bezienswaardigheden
Vietnam is zonder twijfel het meest avontuurlijke en authentieke land van Zuidoost Azië. Van bergen vol kronkelwegen in het noorden tot de chaotische steden en tropische delta’s in het zuiden: er is zo veel te zien dat ik je echt aanraad om hier minstens een maand voor uit te trekken. Zelf kocht ik een motor in Ho Chi Minh en reed helemaal naar Hanoi, een van de mooiste reiservaringen die ik ooit heb meegemaakt. Je hebt er wel wat lef voor nodig, maar het gevoel van vrijheid onderweg is onbeschrijfelijk. Gelukkig kun je ook prima met comfortabele nachtbussen reizen, waarmee je bovendien tijd bespaart. In dit artikel neem ik je mee langs de mooiste plekken en hoogtepunten van Vietnam, van zuid naar noord.
Hoe lang heb je voor deze route nodig?
Voor de volledige route van zuid naar noord heb je ongeveer een maand nodig, zeker als je met de motor reist. Die tijd heb je echt nodig om het land rustig te verkennen en onderweg ook spontaan te stoppen bij dorpjes of uitzichtpunten. Vietnam is langgerekt en de afstanden zijn groter dan ze op de kaart lijken, vooral als je over bergpassen rijdt of kleine dorpjes wilt ontdekken.
Reis je met de bus, dan kun je flink wat tijd winnen door ’s nachts te reizen. Zo sla je meteen een overnachting over en kom je fris aan op je volgende bestemming. In drie weken is het dan te doen, maar je moet wel echt tempo maken. Vier weken of gewoon een hele maand blijft ideaal. Veel mensen kiezen er ook voor om het zuiden, alles onder Hoi An, over te slaan. Scheelt tijd en kilometers. Heb je echt maar twee weken, pak dan alleen het noorden of midden van het land en sla het zuiden over. Zo kun je toch de mooiste plekken zien, zonder echt te haasten.
Kies je bestemming:
Ho Chi Minh City
Ho Chi Minh Stad is misschien niet mijn favoriete stad in Azië, maar het is wel een plek die bijblijft. De chaos hier is bijna niet te beschrijven: duizenden scooters razen door de straten, mensen verkopen overal eten en het verkeer blijft op de een of andere manier gewoon doorgaan. Het is druk, warm en hectisch, maar juist dat maakt het zo bijzonder om mee te maken.
De meeste highlights liggen in District 1. Bezoek de Ben Thanh Market, het War Remnants Museum en de Franse overblijfselen zoals de Notre Dame kathedraal en het centrale postkantoor. Tegen zonsondergang is een rooftop bar perfect om het uitzicht en de energie van de stad te ervaren. Buiten de stad liggen de Cu Chi tunnels, op anderhalf uur rijden, een indrukwekkend ondergronds netwerk uit de oorlog. Ik heb hier een apart artikel geschreven waarin je alles vindt over Ho Chi Minh, van de beste plekken om te verblijven en de highlights die je niet mag missen tot hoe je de Cu Chi tunnels het handigst bezoekt.
Mui Ne
Mui Ne is niet alleen een beroemde plek vanwege de enorme zandduinen net buiten het stadje, het is ook een heerlijke badplaats om even bij te komen. Palmbomen langs het strand, een relaxte sfeer en genoeg plekjes om een paar dagen te chillen maken het een perfecte stop tussen steden door. De witte en rode duinen liggen een stukje uit elkaar, maar zijn allebei de moeite waard om te bezoeken. Het voelt bijna alsof je even in de woestijn staat in plaats van aan de kust van Vietnam.
De witte duinen zijn het grootst en het populairst bij zonsopkomst. Je kunt hier ter plekke een quad huren om zelf over het zand te rijden. Superleuk en vooral populair bij backpackers. Via Mui Ne Explorer kun je een quad boeken vanaf zo’n 700.000 dong (ongeveer 22 euro) voor twintig minuten. De rode duinen liggen dichter bij het centrum en zijn vooral mooi bij zonsondergang, als het zand fel oranje kleurt.
De meeste backpackers kiezen echter voor een jeep tour vanuit Mui Ne. Deze tours worden door veel lokale reisbureaus en hotels aangeboden en brengen je naar zowel de witte als de rode duinen. Vaak stopt de tour ook bij de Fairy Stream, een smal beekje dat je op blote voeten kunt volgen tussen roodachtige rotsen en kleine watervalletjes. Het voelt een beetje alsof je door een mini-canyon loopt en is een van de fotogeniekste plekken van de omgeving. Bij de witte duinen kun je ter plekke besluiten of je nog een rit met een quad wilt doen. De prijs ligt meestal rond 300 tot 400.000 dong (ongeveer 10 tot 13 euro) per persoon. Ik raad aan om twee nachten te verblijven in Mui Ne om even te ontprikkelen van Ho Chi Minh.
Dalat
Da Lat ligt in de groene hooglanden van Vietnam en voelt meteen anders aan dan de rest van het land. Het is er fris, heuvelachtig en overal zie je koffieplantages. De stad wordt niet voor niets de koffiehoofdstad van Vietnam genoemd. Een leuke en betaalbare optie die onder backpackers populair is, is de Twin Beans Coffee Farm Tour. Tijdens deze tour bezoek je een lokale boerderij, leer je hoe koffie wordt verbouwd en gebrand, en proef je verschillende soorten. De tour duurt een halve dag en kost ongeveer 8 euro.
Naast koffie draait Da Lat vooral om de natuur. De omgeving zit vol watervallen, meren en bloemenvelden, en het is een heerlijke plek om even te ontsnappen aan de warmte van de kust. De Elephant Falls is daarvan de allermooiste (zie foto). Doordat er zoveel te doen is, kun je hier makkelijk een paar dagen blijven zonder je te vervelen. In mijn aparte artikel over Da Lat lees je uitgebreid wat je allemaal kunt doen en welke plekken ik het leukst vond.
Hoi An
Hoi An is wat mij betreft de meest sfeervolle stad van Vietnam. Alles hier straalt charme uit: de oude gele gebouwen, de smalle straatjes vol lampionnen en de rivier die ’s avonds prachtig oplicht. Overdag is het een heerlijke plek om gewoon rond te slenteren, maar zodra de zon ondergaat komt de stad pas echt tot leven. Vooral rond de night market aan de overkant van de rivier is het supergezellig met kraampjes, streetfood en lampionnen die overal boven je hoofd hangen.
Verder is Hoi An dé plek om een outfit op maat te laten maken. Er zitten tientallen kleermakers waar je voor een paar tientjes een perfect passend pak of jurk kunt laten maken. Huur daarnaast zeker een fiets om naar An Bang Beach te gaan, een fijn strand op nog geen kwartier fietsen van het centrum. En als je zin hebt om even uit te rusten: blijf gerust wat langer, want Hoi An is zo’n stad waar je niet snel uitgekeken raakt. In mijn aparte artikel over Hoi An lees je precies wat je hier allemaal kunt doen en zien.
Hai van Pass
De Hai Van Pass is misschien wel de mooiste route van heel Vietnam en een absolute must als je met de scooter of motor reist. Deze bergpas slingert tussen Hue en Da Nang en biedt onderweg waanzinnig uitzicht op de kust, de bergen en de zee. Het is een rit van maar een paar uur, maar je zult vaak willen stoppen om foto’s te maken, want bijna elke bocht is fotogeniek. Je kunt de Hai Van Pass makkelijk zelf rijden. De weg is goed te doen, zelfs als je niet heel ervaren bent, zolang je rustig rijdt en oplet in de bochten. Onderweg zijn er kleine koffietentjes met uitzicht waar je even kunt bijkomen en genieten van het uitzicht over de mistige heuvels.
Hue
Hue zelf kun je prima overslaan als je niet per se geïnteresseerd bent in tempels en paleizen. De stad is aardig, maar niet zo bijzonder als de rest van Vietnam. Wat wel leuk is om te doen, is het verlaten waterpark net buiten de stad: Ho Thuy Tien.
Je kunt er alleen komen met een scooter of motor, want het ligt een stuk buiten het centrum, op ongeveer 8 kilometer rijden. Typ simpelweg Ho Thuy Tien Abandoned Water Park in op Google Maps of gebruik deze locatie: 16.3731, 107.5951. Bij de ingang staat meestal een beveiliger die je in eerste instantie probeert weg te sturen. In de praktijk betaal je gewoon een klein bedrag (rond de 20.000 dong) en dan mag je door. Ze doen soms nog alsof ze controleren, maar dat hoort erbij. Eenmaal binnen kun je vrij rondlopen tussen overwoekerde glijbanen, lege zwembaden en een enorme draak in het midden van het meer.
Phong Nha
Phong Nha is een van de gaafste plekken van Vietnam en echt een paradijs voor natuurliefhebbers. De omgeving bestaat uit groene karstbergen, rivieren en gigantische grotten. De bekendste is de Phong Nha Cave, waar je met een boot naar binnen vaart. Ook Paradise Cave mag je niet missen, die is enorm en supermooi verlicht. En als je wat meer avontuur zoekt, ga dan naar de Dark Cave. Daar ga je zwemmen, tokkelen en door de modder kruipen, wat het een van de leukste ervaringen in het gebied maakt.
Een leuke plek om te slapen is het Easy Tiger Hostel, dé ontmoetingsplek voor backpackers in Phong Nha. Er hangt een relaxte sfeer, er is een zwembad en ze organiseren elke dag handige info sessies over wat je allemaal kunt doen in de omgeving. Tours naar de grotten kun je hier makkelijk boeken, net als bij de andere kleine reisbureaus in het centrum. Vergeet ook niet een bezoek te brengen aan de Duck Stop, een boerderij waar je eenden kunt voeren en lokale gerechten proeft, superleuk en typisch Vietnamees. Ik raad aan om hier minstens twee nachten te blijven.
Ninh Binh
Ninh Binh wordt vaak het Halong Bay op het land genoemd, en dat is niet overdreven. Je vaart hier tussen torenhoge kalkstenen bergen en groene rijstvelden, en het is een van de mooiste plekken van Vietnam. De bekendste boottocht is bij Trang An of Tam Coc. Je rijdt er gewoon zelf naartoe met een scooter of fiets en kunt ter plekke een kaartje kopen (rond de 250.000 dong, zo’n 9 euro). De locals roeien je vervolgens in een klein bootje door grotten en langs plekken waar films als Skull Island zijn opgenomen.
Vergeet ook niet om de Lying Dragon Mountain (Hang Mua) te beklimmen. De klim van ongeveer 500 treden is pittig, maar het uitzicht vanaf de top is bizar mooi, zeker bij zonsondergang. Vanaf hier zie je het hele karstlandschap en de rivier kronkelen tussen de velden. Plan het einde van de middag, neem water mee en je hebt gegarandeerd een van de mooiste momenten van je reis. Ik raad aan om zeker 2 nachten te verblijven in Ninh Binh.
Halong Bay
Halong Bay is één van de bekendste plekken van Vietnam en dat is niet voor niets. Duizenden kalkstenen rotsen steken hier uit het water en vormen een landschap dat bijna buitenaards lijkt. Voor backpackers is de beste manier om de baai te bezoeken via Cat Ba Island. Het is een stukje reizen, maar het is het waard: de tours vanaf Cat Ba zijn goedkoper, rustiger en veel relaxter dan de grote Halong Bay cruises die vanuit Halong City vertrekken. Je kunt er makkelijker kleinere bootjes boeken met minder mensen aan boord, waardoor het allemaal wat persoonlijker aanvoelt en je makkelijker afgelegen plekjes en eilandjes kunt bezoeken. Vanuit Hanoi, maar ook vanaf Ninh Binh, kun je een gecombineerd ticket boeken voor bus en boot naar het eiland (kost zo’n 10 tot 15 euro en duurt ongeveer 4 tot 5 uur).
Op het eiland zelf kun je een dagtour of een tweedaagse tour boeken, vaak inclusief kajakken, zwemmen en lokale maaltijden. Je vindt dit bij kleine reisbureaus in het centrum of direct bij je hostel, bijvoorbeeld Cat Ba Buffalo Hostel. Overnachten kan ook goed op het eiland; er zijn genoeg hostels en guesthouses die backpackersvriendelijk zijn.
Een scooter huren is ook echt een aanrader, want zo kun je het eiland in je eigen tempo verkennen. Rijd langs stranden, kleine dorpjes en viewpoints zoals Cannon Fort, en stop waar je wilt voor foto’s of een frisse duik. De bootjes zijn kleiner, de routes minder toeristisch en de sfeer veel gezelliger. Als je de tijd hebt, is een tweedaagse tour met overnachting echt een aanrader, zodat je Halong Bay op zijn mooist kunt ervaren.
Hanoi
Hanoi is wat mij betreft echt een top stad. Het is chaotisch, vol energie en tegelijkertijd verrassend sfeervol. De oude wijk is een doolhof van straatjes waar scooters kriskras door elkaar rijden en waar je op elke hoek iets nieuws ontdekt: een stalletje met verse pho, een klein tempeltje of een verborgen koffietentje met uitzicht op de straat.
Bezienswaardigheden die je niet mag missen zijn onder andere het Hoan Kiem-meer, de trein die dwars door de smalle Train Street dendert en het Ho Chi Minh Mausoleum. Ook de avondmarkt en het bierstraatje Bia Hoi Corner zijn leuk om mee te pakken. Hanoi is zo’n stad waar je makkelijk dagenlang kunt ronddwalen zonder je te vervelen. In mijn aparte artikel over Hanoi lees je precies wat je allemaal kunt doen en waar je het beste kunt verblijven.
Sapa
Sapa ligt helemaal in het noorden van Vietnam vlak bij de grens met China en is echt een van de mooiste plekken van het land. Overal waar je kijkt zie je rijstterrassen, mistige bergen en kleine dorpjes die tegen de hellingen geplakt zitten. De meeste reizigers komen hier om te hiken of een tour te doen waarbij je door lokale dorpen loopt en bij een bergfamilie slaapt. Dat is superleuk om mee te maken want je ziet hoe de minderheidsgroepen hier nog echt op hun eigen manier leven ver weg van de drukte.
Het stadje Sapa zelf is vrij toeristisch maar dat vergeet je snel zodra je de natuur in trekt. Je kunt makkelijk een scooter huren om de omgeving te verkennen of gewoon aansluiten bij een trekking met gids. Populaire routes gaan door dorpen als Lao Chai en Ta Van waar je ook kunt overnachten in eenvoudige homestays met fantastisch uitzicht over de vallei. Vanuit Hanoi kun je Sapa makkelijk bereiken met de nachtbus of trein, wat allebei ongeveer acht tot negen uur duurt. Beste reistijd is van maart tot mei of september tot november als de rijstvelden felgroen kleuren en het weer perfect is om te wandelen.
Ha Giang
Ha Giang ligt helemaal in het noorden van Vietnam en is wat mij betreft het letterlijke en figuurlijke hoogtepunt van het hele land. Hier begint de beroemde Ha Giang Loop, een meerdaagse rit door steile bergpassen, diepe valleien en dorpjes waar de tijd lijkt stil te staan. Het is een van de mooiste routes van heel Azië en elke bocht levert weer een uitzicht op dat je doet stoppen voor foto’s. De loop start in het stadje Ha Giang, het ideale uitgangspunt voor dit avontuur.
Je kunt de loop zelf rijden als je een beetje ervaring hebt of achterop springen bij een easy rider als je dat fijner vindt. De meeste reizigers doen de route in drie tot vier dagen met overnachtingen in lokale homestays onderweg. In dit artikel over de Ha Giang Loop lees je alles wat je moet weten over hoe de route loopt, waar je het beste kunt stoppen en welke plekjes je echt niet mag missen.