Roadtrip door West Australië: Alle Bezienswaardigheden, Tips en Route

Roadtrip West Australië: Alle Bezienswaardigheden, Tips en Route

 

Backpacken door West Australië is misschien wel de meest pure en ongerepte ervaring die je in het land kunt hebben. Toch slaan veel reizigers het over, terwijl de natuur hier misschien nog mooier is dan aan de bekende oostkust. Waar je in het oosten veel steden tegenkomt, vind je in het westen vooral lege wegen, uitgestrekte natuur en kustlijnen die nog nauwelijks ontdekt zijn. Denk aan de parelwitte stranden bij Esperance, die keer op keer tot de mooiste ter wereld worden uitgeroepen, de diepe canyons in de nationale parken en het Ningaloo Reef waar je direct vanaf het strand kunt snorkelen. Voor deze route is een auto onmisbaar, want veel plekken zijn simpelweg niet te bereiken met het openbaar vervoer. Het mooiste is om gewoon de weg op te gaan, raampjes open, muziek aan en onderweg stoppen waar je wilt. Hier draait het om vrijheid, avontuur en het gevoel dat je echt ver weg bent van alles.

 

 

Hoe lang heb je nodig voor deze route?

Als je de hele route langs de westkust wilt doen, inclusief Exmouth en Karijini, moet je rekenen op minimaal drie weken. Je legt dan echt flinke afstanden af en zit veel in de auto. Hoe lekker jij het vindt om lange stukken te rijden, speelt dus wel mee. Veel mensen kiezen er daarom voor om de route te beperken tot het zuiden van West-Australië. Dan heb je bijvoorbeeld Perth, Margaret River en Esperance, en die kun je in ongeveer tien tot veertien dagen prima ontdekken. Zo heb je wat meer tijd om op plekken te blijven en te genieten zonder dat je continue onderweg bent.

 

Het is trouwens goed om te weten dat je voor deze route geen 4×4 nodig hebt. Over het algemeen zijn alle hoogtepunten die ik in dit artikel benoem verbonden door goed asfalt. Mocht je toch zoveel mogelijk willen zien, dan raad ik aan om Karijini over te slaan. Dat scheelt al enorm veel kilometers en maakt de route een stuk relaxter. 

 

"Vervelen doe je sowieso niet als je langs de prachtige westkust van Australië rijdt!"

Wat is de beste reistijd om heen te gaan?

De beste tijd om de westkust te ontdekken is tussen mei en september. Het is dan droog, zonnig en niet te heet, waardoor je alles lekker relaxed kunt doen. Wil je in de Australische zomermaanden (november tot maart) reizen? Dan zijn vooral plekken als Perth, Esperance en Margaret River aan te raden. Daar is het dan nog goed te doen qua temperatuur en is de zee op perfecte temperatuur.

Maar ga je in diezelfde periode naar het noorden, zoals Exmouth en Karijini National Park, dan kun je zeker rekenen op hitte van boven de 45 graden. Dat is pittig en minder prettig om te reizen. Daarom kiezen de meeste backpackers ervoor om het noorden in het droge seizoen te bezoeken, en de zuidelijke plekken juist in de zomer.

 

Kies je bestemming:

Perth

Perth is vaak het startpunt van je roadtrip langs de westkust en staat bekend als een van de meest afgelegen steden ter wereld. Het ligt dichter bij Bali dan bij Sydney en dat merk je aan de relaxte sfeer. Waar Sydney en Melbourne bruisen van de drukte, voelt Perth juist ruim en rustig aan. De stad heeft het hele jaar door aangename temperaturen en prachtige stranden zoals Cottesloe en Scarborough, waar je makkelijk een middag kunt blijven hangen.

 

Ook in de stad zelf is genoeg te doen. Kings Park & Botanic Garden geeft je een geweldig uitzicht over de skyline en de Swan River, zeker tijdens zonsondergang. Rond Elizabeth Quay kun je een drankje pakken of een boottocht maken, terwijl je in Fremantle juist die historische, laidback vibe vindt met markten en oude gebouwen. Wil je  iets actiefs doen, dan kan je langs de Swan River wandelen of fietsen en voor een beetje cultuur is het Perth Cultural Centre een leuke stop.

 

Je hoeft niet persé in Perth te overnachten, maar minimaal één nachtje is zeker geen overbodige luxe. 

 

Rottnest Island

Rottnest Island is een waanzinnige dagtrip vanuit Perth en absoluut een must als je hier bent. Het eiland staat bekend om de schattige quokkas die alleen nog op Rottnest en een paar kleine eilandjes in de omgeving leven. In het kleine centrum van het eiland lopen ze overal rond en komen ze vaak op eten af van mensen, waardoor je ze heel makkelijk van dichtbij ziet. Dit is dé plek om zo’n iconische selfie te maken met deze altijd lachende dieren.

 

Het eiland is heerlijk om per fiets te verkennen. Onderweg kom je langs prachtige stranden zoals The Basin, Parakeet Bay en Little Salmon Bay waar het water zo helder is dat je meteen wilt gaan snorkelen. Overal vind je verlaten baaitjes waar je soms helemaal alleen bent. Een dag is ruim voldoende om de mooiste plekken te zien, zeker als je een beetje doortrapt. Er zijn ook accommodaties op Rottnest, maar die zijn flink aan de prijs. Vanuit Perth pak je gewoon de ferry en heb je een volle dag om dit paradijs te ontdekken. Tickets kun je online boeken. Zelf raad ik aan om gelijk de combi ticket met fiets te boeken voor 120 AUD (€67). Bij aankomst kan je bij de fietsenverhuur je reservering laten zien en gelijk je fiets meenemen.

 

Margaret River

Margaret River is een plek waar je makkelijk zou willen wonen. Lekker relaxed, groen, met mooie stranden en wijngaarden. Je kunt er surfen, wandelen en natuurlijk wijn proeven. Voor een betaalbare proeverij raad ik kleinere wijnhuizen aan zoals Brown Hill Estate of Cape Grace Wines. Wil je meerdere wijnhuizen bezoeken zonder zelf te rijden, dan is de Grape Escape tour ideaal.

 

De stranden zijn hier ook prachtig met helder water en vaak heb je niemand waarmee je het moet delen. Prevelly is top voor surfers, Gnarabup perfect om te zwemmen en bij Hamelin Bay  staat bekend om de roggen die vlak in het ondiepe water zwemmen. Locals voeren ze elke dag waardoor het bijna een zekerheid is dat je ze ziet. Margaret River is ook ontzettend populair onder de lokale toeristen, die daar vaak weken verblijven. Zelf snap ik dat wel en raad daarom aan om minstens twee nachten te overnachten om de sfeer echt te proeven.

 

Er is zoveel te zien en te doen dat ik er een apart artikel over heb geschreven, zeker de moeite waard om te checken.

 

Albany

Albany is een ideale tussenstop als je onderweg bent naar Esperance. De omgeving heeft prachtige stranden zoals Middleton Beach, waar je heerlijk kunt zwemmen, en Emu Point met z’n rustige sfeer. Little Beach is misschien wel het mooiste strand van Albany met spierwit zand en helderblauw water, echt een verborgen parel. Ook mag je de Natural Bridge niet missen, een indrukwekkende rotsformatie aan de kust die perfect is voor foto’s. Albany zelf heeft een relaxte vibe en biedt een fijne pauze na lange ritten. Perfect om even een nachtje bij te tanken voordat je verder reist langs de ruige zuidkust van West-Australië.

 

 

Als je hier blijft overnachten raad ik aan om bij Nomads te slapen. Die ligt direct aan het strand en is een van de leukste plekken voor backpackers, maar zit ook vaak al snel vol. Vroeg boeken dus. In een apart artikel vertel ik alles over mijn avontuur op Magnetic Island, inclusief tips, routes en foto’s. Zeker even checken als je van plan bent te gaan.

 

Esperance

Esperance is wat mij betreft een van de mooiste plekken van Australië, vooral als je van stranden houdt. De parelwitte stranden en het kristalheldere water maken het echt uniek. Lucky Bay is het bekendste strand en een van de weinige plekken waar je gewoon kunt kamperen vlakbij het water. Als je vroeg opstaat of juist tegen zonsondergang bent, heb je grote kans om kangoeroes te zien huppelen over het strand, een magisch gezicht dat je niet snel vergeet. Naast Lucky Bay zijn er nog meer prachtige stranden zoals Wharton Beach, waar je volop rust en natuur vindt. Een perfecte plek om even helemaal weg te zijn.

 

Voor meer tips en mijn ervaringen kun je het artikel over Esperance lezen, want dit vond ik echt het hoogtepunt van West Australië.

 

Kalgoorlie

In Kalgoorlie draait alles om goud. Meer dan honderd jaar geleden stroomden avonturiers van over de hele wereld hierheen in de hoop rijk te worden tijdens de goudkoorts. Vandaag de dag is het nog steeds een actieve goudmijnstad, waar de mijnbouw het hart van de economie vormt. De stad ligt mooi op de route als je vanuit Esperance terug naar Perth rijdt of juist richting Karijini gaat. Het is geen plek waar je per se hoeft te overnachten, maar wel eentje die je niet wilt missen.

 

Breng zeker even een bezoek aan het gratis museum om meer te leren over de geschiedenis en verhalen van de goudzoekers. En natuurlijk moet je de Super Pit zien, een van de grootste open goudmijnen ter wereld die nog altijd in bedrijf is. Het uitkijkpunt is gratis te bezoeken en vanaf daar zie je pas echt hoe enorm deze mijn is. De gigantische vrachtwagens beneden lijken net speelgoed en het idee dat hier nog dagelijks naar goud wordt gezocht maakt het extra bijzonder.

 

Karijini 

Karijini National Park is misschien wel het mooiste nationale park van West Australië. Het ligt midden in de ruige outback en staat bekend om zijn diepe kloven, kristalheldere poelen en watervallen waar je na een wandeling lekker in kunt zwemmen. Denk aan plekken als Hancock Gorge, Dales Gorge en de prachtige Fern Pool, waar je met een beetje geluk zelfs alleen kunt zitten.

 

Het park ligt wel behoorlijk afgelegen, dus je moet er wat kilometers voor maken. Dat maakt het meteen ook een plek waar je nog echt het gevoel hebt ver weg van de bewoonde wereld te zijn. Overdag kan het hier in de zomermaanden bloedheet worden, met temperaturen die makkelijk boven de 45 graden uitkomen, dus de beste reistijd is in de koelere maanden. Neem de tijd om meerdere wandelingen te doen en vergeet je zwemkleding niet, want afkoelen in een natuurlijke pool is hier echt een van de hoogtepunten.

 

Wil je meer weten over mijn ervaringen en de mooiste plekken in Karijini, check dan zeker het artikel dat ik daarover heb geschreven.

 

Exmouth

Exmouth is de uitvalsbasis voor het Ningaloo Reef, een van de mooiste koraalriffen ter wereld en een stuk minder toeristisch dan het Great Barrier Reef. Hier kun je rechtstreeks vanaf het strand snorkelen tussen kleurrijke vissen en soms zelfs schildpadden. In het juiste seizoen (meestal tussen maart en juli) kun je ook zwemmen met walvishaaien, een ervaring die echt onvergetelijk is. Vrijwel overal in het dorp vind je tourbureaus die dit aanbieden. Cape Range National Park om de hoek, met witte stranden zoals Turquoise Bay en ruige kliffen waar je tijdens het wandelen kangoeroes kunt spotten. Doe dit niet tijdens de Australische zomermaanden, want dan is het vaak minimaal 40 graden. Hierdoor hebben wij ons bezoek moeten beperken tot de stranden.

 

Exmouth zelf is een relaxed dorpje waar je vooral komt voor de natuur en het water. Verwacht geen bruisend nachtleven, maar juist rustige avonden na een dag vol snorkelen, duiken of kajakken. Je kunt hier makkelijk een paar dagen blijven om alles op je gemak te ontdekken, zeker als je ook de omliggende stranden en wandelroutes wilt doen.

 

"Turquoise Bay is het allermooiste strand van de Exmouth omgeving."

Coral Bay

Coral Bay is een klein relaxed dorpje dat ideaal is als je het Ningaloo Reef wilt ontdekken zonder de drukte die je bij Exmouth hebt. Het ligt iets zuidelijker dan Exmouth en is daardoor veel rustiger en kleinschaliger. Vanaf het strand kun je zo het water inlopen en meteen beginnen met snorkelen.

 

De beste plekken om te snorkelen liggen vlak bij het strand, bijvoorbeeld op Osprey Bay en Coral Gardens. Hier zie je prachtige koraalformaties, tropische vissen en soms zelfs schildpadden. Voor wie iets meer avontuur zoekt, zijn er ook snorkeltours die je meenemen naar plekken waar je manta’s kunt spotten of waar je kans hebt om met walvishaaien te zwemmen (maart-juli). Je kunt hier echt blijven hoelang je wilt, maar binnen één dag heb je het meeste wel gezien. Helemaal als je van plan bent om ook naar Exmouth te gaan.

 

Monkey Mia

Monkey Mia staat vooral bekend om de wilde dolfijnen die hier al tientallen jaren dagelijks naar de kust komen. Het is een van de weinige plekken ter wereld waar je deze dieren van zo dichtbij kunt zien. In Monkey Mia zelf is er een afgebakend stuk strand bij het bezoekerscentrum waar de dolfijnen elke ochtend komen. Tussen ongeveer 7.45 en 12.00 uur worden er drie voermomenten gehouden (niet op vaste tijden, want het hangt af van de dolfijnen zelf). De rangers roepen iedereen naar het water en jij staat dan letterlijk met je voeten in zee terwijl de dolfijnen vlak voor je neus zwemmen.

 

Maar het draait hier niet alleen om de dolfijnen. Shell Beach is bijzonder omdat het strand volledig uit kleine witte schelpjes bestaat en het water super helder is. Little Lagoon is ook een aanrader, een rustige lagune met ondiep warm water waar je kunt peddelen of gewoon lekker kunt ontspannen. Je kunt in Denham of Monkey Mia een kajak huren en de kust verkennen, of meegaan op een sunset cruise waarbij je kans hebt om schildpadden en soms zelfs haaien te spotten.

 

 

Heb je een 4×4 tot je beschikking, dan is Francois Peron National Park echt een must. De rit door het rode zand is al een belevenis, maar stranden zoals Big Lagoon en Skipjack Point maken het helemaal af. Vooral Skipjack Point is indrukwekkend, omdat je hier vanaf de kliffen vaak roggen, schildpadden en zelfs haaien in het heldere water ziet zwemmen.

 

Kalbarri National Park

Kalbarri National Park is mooi om mee te pakken als afwisseling tijdens je roadtrip. Het is echt prachtig met de kloven, uitzichten en wandelingen, maar het is zeker geen Karijini. Nature’s Window, de Z-Bend en de Loop Walk geven je mooie uitzichten en een ander soort landschap dan de scherpe rotsen en diepe kloven van het noorden.

 

Hou er wel rekening mee dat het in de zomer ontzettend heet kan zijn en dat er een berg vliegen rondvliegen waar je bijna gek van wordt. Het park is perfect voor een paar uur tot een halve dag wandelen en genieten van de natuur, en zo krijg je een ander soort wildernis en rust dan in de extreme landschappen van het noorden.

 

Pinnacles Desert 

De Pinnacles zijn zo’n plek die je gewoon even moet checken tijdens je roadtrip door West Australië. Het bizarre landschap met gele kalkstenen zuilen die uit het zand steken voelt bijna buitenaards. De pilaren zijn ontstaan uit oude schelpen die duizenden jaren geleden door het zand werden bedekt en later verharden tot kalksteen. Je kunt er tussen de pilaren wandelen of een rondje rijden over de wegen door het park.

 

Het is het mooiste bij zonsopkomst of zonsondergang, dan kleuren de stenen en het zand in warme tinten. Neem genoeg water en een hoed mee, want schaduw is er nauwelijks. Vergeet je camera niet, want dit is een plek voor foto’s die je niet snel vergeet. Loop ook even naar de duinen voor een ander uitzicht of bezoek het bezoekerscentrum om meer te leren over hoe deze plek is ontstaan. Het mooie is dat je aan een paar uurtjes genoeg hebt, ideaal voor  een lange tussenstop!

 

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *