Utah is zo’n staat waarvan je eerst denkt: oké, woestijn en rode rotsen… leuk. Tot je er bent. Dan valt ineens alles op z’n plek. Dit is geen normale bestemming. Het is een soort buitenaards decor vol nationale parken, canyons en wegen waar je urenlang niemand ziet. Veel reizigers noemen Utah de mooiste staat van Amerika en eerlijk, ik snap waarom. Wat Utah onderscheidt, is de hoeveelheid national parks op een relatief kleine oppervlakte. Zion, Bryce Canyon en Arches zijn de bekendste en je kunt ze prima combineren in één trip. In Zion loop je door smalle kloven en omhoog langs steile rotsranden, Bryce Canyon is alsof je een droom binnenstapt met z’n hoodoos (die puntige rotsformaties) en in Arches voelt het alsof de natuur random heeft besloten overal bogen van steen neer te zetten. Dit artikel helpt je met het plannen van je reis door Utah: welke parken het meest de moeite waard zijn, hoe je ze combineert, praktische info en wat je kunt verwachten qua sfeer, routes en kosten
Geschiedenis Utah
Utah heeft een geschiedenis die je echt terugziet in het landschap en de cultuur. Het begon bij de oorspronkelijke bewoners. Denk aan de Navajo, Ute en Paiute die hier al duizenden jaren leefden voordat er Europeanen kwamen. Je merkt dat nog steeds in reservaten, plaatsnamen en tradities die in sommige delen van de staat aanwezig zijn.
In de 19e eeuw veranderde het gebied toen de Mormonen (de Church of Jesus Christ of Latter-day Saints) naar Utah trokken om ergens te wonen waar ze hun geloof in vrijheid konden volgen. Ze kwamen uit het oosten en vestigden zich in de Salt Lake Valley, waar ze hele gemeenschappen en dorpen opbouwden. Salt Lake City voelt daardoor nog steeds als het centrum van het mormoonse geloof.
Utah werd officieel pas in 1896 een staat binnen de Verenigde Staten. Dat is relatief laat vergeleken met andere staten. Vanaf dat moment groeide het van pioniers en landbouw naar een mix van outdoor toerisme, moderne steden en nationale parken, met Salt Lake City als het hart.
Tegenwoordig staat Utah bekend om z’n nationale parken, roadtrips en buitenleven. De combinatie van natuur en die unieke mormoonse geschiedenis zorgt ervoor dat de staat een totaal andere vibe heeft dan veel andere plekken in Amerika.
Hoogtepunten van de staat Utah
1. Zion National Park
Zion is een van de bekendste nationale parken van Utah en dat is niet zonder reden. Jaarlijks bezoeken ongeveer vier miljoen mensen het park, vooral in het hoogseizoen. Het landschap is onwijs indrukwekkend, vooral als je zowel beneden in de diepe canyons staat als bovenop de kliffen kijkt. Vanaf de bodem zie je de smalle kloofwanden omhoog rijzen en bovenop heb je een uitzicht over het hele park, met een mix van groene bomen, rode rotsen en diepe dalen. Het geeft een goed idee van hoe groot en bijzonder het park is.
In Zion kun je prachtige hikes maken. De bekendste zijn Angels Landing en The Narrows. Angels Landing is pittig, smal en steil met stukken waar je aan kettingen omhoog klimt. De hike duurt ongeveer vier tot vijf uur heen en terug, afhankelijk van je tempo. Er is geen reservering nodig om te starten, maar in het hoogseizoen kan het druk zijn. Begin daarom vroeg of later op de dag.
The Narrows is een hike door water waarbij je door een smalle kloof loopt met een rivier onder je voeten. Het standaarddeel van de Riverside Walk naar het begin van The Narrows duurt ongeveer twee tot drie uur heen en terug. Wie langer doorloopt, kan er een hele dag aan kwijt zijn. Goede schoenen en eventueel een wandelstok zijn een must, want het kan glad en nat zijn.
2. Bryce Canyon National Park
Bryce Canyon voelt heel anders dan Zion. Waar Zion draait om canyons en hoogteverschillen, kom je bij Bryce Canyon in een soort fantasiewereld terecht. Overal zie je hoodoos, dat zijn hoge, smalle rotspilaren die door erosie zijn ontstaan. Het lijkt een beetje alsof iemand een stenen stad heeft gebouwd in allemaal gekke vormen. Als je voor het eerst aan de rand van het amfitheater staat, voelt het bijna alsof je naar een ander landschap kijkt dan je tot nu toe in de VS gewend bent.
Bryce Canyon ligt hoger en dat merk je aan de temperatuur en de lucht. Het kan hier zelfs in de zomer fris zijn, vooral in de ochtend. Een trui in de rugzak is geen overbodige luxe. In de winter ligt hier vaak sneeuw. Dit kan best mooi zijn, want die witte laag over de rode stenen geeft weer een hele andere sfeer.
Hikes en viewpoints
De bekendste viewpoints zijn Sunrise Point, Sunset Point en Bryce Point. Dit zijn plekken waar je makkelijk met de auto kunt komen en waar je meteen een goed beeld krijgt van het park. Veel mensen stoppen hier voor foto’s, maar de echte ervaring krijg je pas als je naar beneden loopt het amfitheater in.
De meest populaire hike is de Navajo Loop. Deze trail brengt je tussen de hoodoos door en duurt ongeveer anderhalf tot twee uur, afhankelijk van hoeveel je stopt. Je loopt langs smalle stukken, gaat trapsgewijs naar beneden en komt uiteindelijk uit in het midden van die stenen “stad”.
Wie langer wil hiken kan de Navajo Loop combineren met de Queen’s Garden Trail. Samen duurt dit ongeveer drie uuren het is een van de mooiste wandelroutes omdat je een mix krijgt van uitzichtpunten en paden tussen de rotsformaties door. Het is geen extreme hike, maar je voelt de hoogte en het stijgen en dalen wel in je benen.
Bereikbaarheid en vervoer
Bryce Canyon is makkelijk bereikbaar met de auto en je kunt veel plekken zelfstandig verkennen. Parkeren is meestal geen probleem, zelfs in het hoogseizoen. Je kunt het park in één dag zien, maar een nachtje in de buurt slapen is fijn zodat je de zonsopkomst of zonsondergang kunt meepakken. De kleuren in het park zijn dan op hun mooist.
Ook in Bryce kost de entree $35 USD per auto, maar is het inbegrepen als je de America The Beautiful Pass neemt. Nogmaals is dat een pro tip. Het park is trouwens het hele jaar open, waarbij het in de winter kan sneeuwen.
3. Arches National Park
Arches National Park staat bekend om de duizenden natuurlijke stenen bogen die hier door erosie zijn ontstaan. Het landschap is bijzonder, bijna buitenaards, met oranje-rode rotsformaties, plateaus en open vlaktes. Het voelt soms eerder als een kunstwerk van de natuur dan een plek waar je gewoon rondloopt. Toch moet ik eerlijk zeggen dat dit niet mijn favoriet was. Misschien omdat ik de andere parken in Utah sterker vond, of omdat het park soms wat eenzijdig voelt vergeleken met plekken als Bryce of Zion. Maar het blijft een bijzondere plek om gezien te hebben, vooral als je toch in de buurt bent.
De bekendste boog is Delicate Arch. Dit is het symbool van de staat Utah en je ziet ‘m zelfs terug op kentekenplaten. De hike ernaartoe duurt ongeveer drie uur heen en terug en is best pittig door het hoogteverschil, weinig schaduw en soms gladde stukken rots. Neem voldoende water mee, vooral in de zomer. Als je geen zin hebt om drie uur te hiken, zijn er ook viewpoints waar je Delicate Arch van een afstand kunt zien, maar dat haalt wel wat van de ervaring weg.
Andere plekken die de moeite waard zijn zijn Double Arch, Landscape Arch en het gebied Devils Garden. Dit zijn plekken waar je korter kunt wandelen en toch een goed beeld krijgt van het park. De afstanden zijn wisselend, maar de meeste korte routes kosten je tussen de twintig minuten en anderhalf uur. Ideaal als je een halve dag hebt of het park wilt combineren met iets anders in de buurt.
Bereikbaarheid en tips
Arches ligt vlakbij het plaatsje Moab, wat een handige uitvalsbasis is voor eten, overnachten en benzine. Het park kan in de zomer ontzettend druk worden en er staat soms al in de ochtend een rij bij de ingang. Vroeg gaan helpt, of juist later op de dag na de grootste hitte. Er is geen shuttle zoals in Zion, dus je bent afhankelijk van je eigen auto.
Arches kun je prima in één dag bezoeken. Als je alleen de highlights wilt doen, red je het zelfs in een halve dag. Het park is mooi, maar verwacht niet dezelfde variatie en wow-momenten als in bijvoorbeeld Zion of Yellowstone.
4. Bonneville Salt Flats
De Bonneville Salt Flats is een gigantische zoutvlakte ten westen van Salt Lake City. Het is letterlijk een eindeloze witte vlakte van zout, zo vlak als een biljarttafel. De schaal is bizar, je hebt echt geen gevoel voor afstand. Je ziet geen bomen, geen gebouwen, alleen vlaktes. Dit is een plek waar mensen racen, foto’s maken en soms gewoon stil worden omdat het landschap zo anders is dan alles wat je kent.
Wat deze plek extra bijzonder maakt is wat er gebeurt wanneer er een dun laagje water op ligt. Dat is niet altijd zo, het hangt af van regen en het seizoen, maar als je geluk hebt verandert de zoutvlakte in een soort natuurlijke spiegel. Het waterlaagje is dan zo strak en stil dat het alles reflecteert. De bergen, de lucht, de wolken, alles. Je ziet geen echte horizon meer en het voelt alsof je in een ruimte zonder einde staat. Een beetje zoals de zoutvlaktes in Bolivia, maar dan een stuk rustiger qua toerisme.
Praktisch gezien kun je hier met een gewone huurauto komen en soms zelfs een stukje de vlakte op rijden. Let wel op: als er water ligt, doe dit dan niet. Je kan namelijk vast komen te zitten in de zachte ondergrond. In de zomer is de kans groter dat het droog is en je dat typische eindeloze witte landschap ziet. In het voor- en najaar is de kans op die spiegel iets groter, maar het blijft een beetje geluk hebben.
Je kunt de zoutvlakte trouwens helemaal gratis bezoeken en is vooral een leuke stop als je onderweg bent naar bijvoorbeeld Yellowstone.